• Pier Wouda – Twaalf jaar betrokken bij VV Maarssen: “Uiteindelijk gaat het om het team”

    Hoe ben je met VV Maarssen in aanraking gekomen?
    Pier: Mijn zoon Milo wilde graag gaan voetballen, en dus zijn we daarmee begonnen. Zelf heb ik geen voetbalachtergrond – ik kom uit Friesland, daar draaide het meer om schaatsen en kaatsen. Voetbal had van mij niet per se gehoeven, maar ik ben er via Milo ingerold. Dat zal inmiddels zo’n twaalf jaar geleden zijn. Vanaf een jaar of tien geleden werd het allemaal wat intensiever.

    Wat deed je besluiten om je in te zetten voor de club?
    Pier: In het begin kijk je gewoon wat er nodig is voor het team. Wie kan wat doen? Ik bood aan om de training en coaching op me te nemen. Dat ging vrij natuurlijk: er ontstaan lijnen, iemand pakt iets op, en zo rolde ik er steeds verder in. Het was zeker niet mijn bedoeling om dat jarenlang te blijven doen of er iets structureels van te maken. In eerste instantie deed ik het vooral voor het team, en natuurlijk ook voor mijn zoon. Maar op een gegeven moment ontstond er een heel leuke groepsdynamiek. Elke zaterdagochtend met z’n allen op pad, soms al vroeg in het donker – dat heeft gewoon iets. Langzaam maar zeker begon mijn hart echt sneller te kloppen voor het team, voor die jongens. De afgelopen vijf jaar doe ik het samen met Michel Kuijpers. Alleen had ik het niet volgehouden. Je moet het kunnen delen – dat maakt het zoveel fijner.

    Wie is er nog van het eerste team dat je trainde en coachte?
    Pier: Vanaf de Benjamins; Milo Wouda, Oscar Snel, Douwe Grossouw, Toer van Warmerdam, Mees Klomp, Amorinho Setjadi. En later ook Kasper Stark, Kaya de Loor en Sieb Korevaar, die zitten al zeker vijf, zes jaar in het team.

    Wat is het geheim van ‘de Smid’? Waarom blijven er zoveel jongens zo lang bij jou spelen?
    Pier: Tja, het klinkt cliché, maar het draait uiteindelijk om het team. Het gaat om het vinden van de gulden middenweg: aan de ene kant willen we sportieve prestaties neerzetten – het moet ergens om gaan – en aan de andere kant moet het ook gewoon leuk zijn. Als er niets op het spel staat, dan wordt het vrijblijvend, en dat werkt niet. Maar je moet ook lol hebben. Een training loopt niet altijd zoals je wilt, maar dan heb je in elk geval plezier met elkaar. En dat zorgt er weer voor dat je de volgende keer gewoon weer met frisse energie op het veld staat. De motivatie om door te gaan zit echt in het team en de weg die we samen bewandelen.

    Wat was je sportieve hoogtepunt in al die jaren?
    Pier: Het afgelopen seizoen zijn we bijna winterkampioen geworden in de tweede klasse. Met de tweede plaats mochten we een klasse omhoog. We speelden al jaren in die tweede klasse. Na de winterstop zijn we vierde geworden in de eerste klasse – dat was voor dit team een geweldige prestatie. Ik denk dat het succes ook komt doordat we al zo lang met (vrijwel) hetzelfde team spelen, terwijl bij concurrerende teams het verloop veel groter is. We zijn echt op elkaar ingespeeld.

    Hoe blijf je iedere week gemotiveerd om de jongens te begeleiden?
    Pier: Eerlijk gezegd: ik ben niet altijd gemotiveerd. Maar het is het team zelf dat ervoor zorgt dat ik plezier blijf houden. Soms kunnen ze me enorm irriteren, maar uiteindelijk ben ik echt van ze gaan houden.

    Zijn er in de loop der jaren tradities of rituelen ontstaan?
    Pier: Zeker. We sluiten elk seizoen af met een barbecue in Oud-Zuilen. Dan houd ik ook altijd een toespraak voor de jongens. We zijn zelfs een keer met z’n allen gaan kamperen bij een boer. Dat was zó gezellig dat we daar helaas niet meer welkom zijn…
    En tijdens de training hebben we het ‘toetje’ geïntroduceerd: een extra blok van tien minuten ná de reguliere training. Echt tot uitputting, zodat ze kapot zijn. Maar het werkt – vaak komen we in de laatste vijftien minuten van de wedstrijd juist bovendrijven. Dat toetje is inmiddels echt traditie geworden.

    Welk team ga je volgend jaar trainen?
    Pier: Volgend seizoen train ik O17-2. Alle zestien spelers van het afgelopen jaar gaan door – niemand stopt. Dat zegt wel wat, denk ik.

    Heb je nog wensen of dromen met je team?
    Pier: Zeker. Tijdens de barbecue heb ik het ook uitgesproken: we willen proberen om de hoofdklasse te halen. Misschien is dat wat hoog gegrepen, maar het is wel waar we voor gaan.

    Tot slot: heb je al een VV Maarssen-trainersjas?
    Pier (lacht): Nee!

    Interview door Paul Blank, communicatie@vvmaarssen.nl

  • Sid, Oscar, Lee, Mauk, Douwe, Toer, Mees, Milo, Amorinho